De afgelopen tijd heb ik gewerkt aan het specificeren van mijn hoofdvraag en het formuleren van mijn deelvragen. Tegelijkertijd heb ik voor elke deelvraag een plan gemaakt voor mijn verkenning.
Onderzoeksvraag:
Hoe kan ik tijdens mijn handvaardigheids lessen een prettige werksfeer creëren voor de rustige kinderen in mijn klas?
Deelvragen en onderzoeksplan per deelvraag:
1. Hoe ervaar ik de sfeer tijdens mijn huidige handvaardigheids lessen?
Dit ga ik onderzoeken door:
- (Zelf)reflectie op al mijn handvaardigheids lessen.
- Observeren van de sfeer tijdens mijn lessen, feedback van mijn mentor en filmpjes maken.
2. Hoe ervaren de kinderen mijn handvaardigheids lessen?
Dit ga ik onderzoeken door:
- De kinderen observeren tijdens mijn handvaardigheids lessen. Ik ga kijken naar houding, betrokkenheid en activiteit.
- De kinderen interviewen na mijn handvaardigheids lessen over hun ervaringen.
3. Hoe ziet een goede handvaardigheids les eruit?
Dit ga ik onderzoeken door:
- Literatuur te raadplegen over handvaardigheids lessen (Boek: laat maar zien). Bovendien kan ik mijn aantekeningen gebruiken van de lessen die we hierover bij beeldende vorming hebben gehad.
- Eventueel een interview met mijn vakdocent beeldende vorming: Gerard Braakhuis, over hoe een goede les in elkaar moet zitten. (Hij heeft zijn medewerking al verleend).
4. Wat is een prettige werksfeer?
Dit ga ik onderzoeken door:
- Een literatuuronderzoek te starten. Ik begin in het meesterwerk van Irene Schram over het creëren van een prettige werksfeer in de klas.
- Eventueel internetsites te raadplegen.
- De lessen van Fleur observeren op prettige werksfeer.
5. Hoe kan ik een prettige werksfeer creëren?
Dit ga ik onderzoeken door:
- De informatie uit het literatuuronderzoek te ordenen. De mogelijkheden die ik bij mijn persoonlijkheid vind passen ga ik op een rijtje zetten. Hierbij houdt ik ook rekening met de mogelijkheden in mijn klas. Deze manieren ga ik dan uitproberen
6. Welke rol nemen de rustige kinderen in in de klas (tijdens handvaardigheid)?
Dit ga ik onderzoeken door:
- Te observeren welke rol de rustige kinderen innemen. Ik observeer bij een handvaardigheids les van mijn mentor en bij andere lessen van mijn mentor. Ik observeer het gedrag, de houding en de betrokkenheid van de kinderen.
- Eventueel een klein literatuuronderzoek te houden naar de rolverdeling in een klas. (in het algemeen)
De komende twee weken ga ik hard werk aan het beantwoorden van al deze deelvragen (op de manier waarop ik een plan heb gemaakt!) zodat ik vervolgens naar de volgende stap van de cyclus kan gaan: de het algemeen plan en de verbeteracties!!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Dag Judith,
BeantwoordenVerwijderenDit ziet er al goed uit hoor. We hebben in de les je probleemstelling uitgewerkt en je hebt dit verder goed opgepakt.
Bij deelvraag 1 kun je ook gebruik maken van de reflectiecylcus van Korthagen. Zal ik in de les nog wel behandelen.
Bij deelvraag 2 kun je ook je mentor vragen. Verder kun je hierbij gebruik maken van betrokkenheidsniveaus vanuit EGO.
Bij het opstellen van een interview moet je natuurlijk nog wel even goed bedenken of dit een heel open interview wordt of al meer gestructureerd.
Prettige werksfeer mag je nog wel in een later stadium meer concretiseren, maar dat komt volgens mij wel goed.
Bij deelvraag 6 vraag ik me af waarom je specifiek naar die kinderen wilt kijken.